Documentatie medezeggenschap gepensioneerden
Redactie: drs. Erwin Nypels, oud-lid Tweede Kamer voor D66.
Tweede Kamer aanvaardt wetsvoorstel medezeggenschap in pensioenfondsbesturen!
zaterdag 3 juli 2010

Donderdagavond 1 juli 2010 heeft de Tweede Kamer het initiatiefwetsvoorstel van de Kamerleden Koser Kaya (D66) en Blok (VVD) met name over de medezeggenschap van gepensioneerden in de besturen van pensioenfondsen aanvaard. Een doorbraak in de medezeggenschapsverhoudingen!  Voor stemden de fracties van VVD, PVV, D66, GroenLinks, SGP en Partij voor de Dieren. Tegen de fracties van PvdA, CDA, SP en ChristenUnie. Daaraan voorafgaand was het sterk beperkende amendement van de fracties van CDA, PvdA en ChristenUnie door een grote meerderheid verworpen. Eenzelfde lot onderging het amendement van de SP-fractie om te komen tot een zetelverdeling binnen de besturen van pensioenfondsen van 1/3, 1/3 en 1/3 voor zowel werkgevers en werknemers als gepensioneerden. Met algemene stemmen werd aangenomen een amendement van de fracties van VVD en D66 om de drempel voor het toekennen van een beroepsrecht voor een minderheid van de deelnemersraad te verhogen van 10% tot 30% van de leden van die raad. De hoofdstrekking van het wetsvoorstel is door de langdurige Kamerbehandeling en amendering uiteindelijk niet aangetast. Integendeel de betekenis van het wetsvoorstel is zelfs toegenomen doordat als gevolg van de pleidooien van de fracties van CDA, PvdA, GroenLinks en D66 in het wetsvoorstel een wettelijke grondslag is opgenomen voor het streven naar meer diversiteit in de samenstelling van de fondsbesturen. Het gaat daarbij speciaal om jongeren en vrouwen. De initiatiefnemers hebben ook één voorstel uit het amendement van fracties van CDA, PvdA en ChristenUnie in een nota van wijziging overgenomen. De drie fracties hadden voorgesteld om te regelen dat de benoeming van de vertegenwoordigers van de gepensioneerden in het bestuur van een ondernemings- of bedrijfstakpensioenfonds plaats vindt na verkiezing waarbij de gepensioneerden ook externe deskundigen als kandidaten kunnen stellen. De nota van wijziging legt dit vast en trekt dit door naar de werknemers.

 

Het wetsvoorstel moet uiteraard nog door de Eerste Kamer behandeld worden. Deze Kamer kan de inhoud  echter niet meer veranderen. Een samenvatting van het voorstel zoals het tijdens de behandeling in de Tweede Kamer heeft vorm gekregen, is opgenomen in het hoofdstuk "Initiatiefwetsvoorstel, Definitieve inhoud" van deze website.

Stemmingen over initiatiefvoorstel uitgesteld tot na verkiezingen
woensdag 19 mei 2010
Gisteren, 18 mei 2010, heeft de Tweede Kamer besloten de geplande stemmingen over de amendementen en het gehele initiatiefwetsvoorstel van de Kamerleden Koser Kaya (D66) en Blok (VVD) uit te stellen tot na de verkiezingen. Het initiatiefvoorstel heeft met name betrekking op de medezeggenschap van gepensioneerden in de besturen van pensioenfondsen. Op 13 april 2010 hadden de fracties van CDA, PvdA en ChristenUnie vrij onverwacht een amendement ingediend dat belangrijke beperkingen en negatieve wijzigingen aan wil brengen in het wetsvoorstel. (Zie  hoofdstuk Initiatiefwetsvoorstel, Kamerbehandeling.) Kort geleden stuurden de twee initiatiefnemers een kritische analyse van de gevolgen van het amendement naar de Tweede Kamer. De conclusie van deze analyse is dat het amendement onvoldoende doordacht is en een aantal ernstige nadelige effecten heeft. Vervolgens brachten de fracties van CDA, PvdA en ChristenUnie op het laatste moment zelf nog enkele wijzigingen aan in hun amendement. De Tweede Kamer besloot daarom  alvorens tot de stemmingen over te gaan eerst nog ruimte te maken voor een grondige bestudering en bespreking van het (gewijzigde) amendement. Daardoor kunnen de laatste plenaire bespreking en de eindstemmingen pas plaats vinden na de verkiezingen. Dat betekent dat de uitslag van de verkiezingen met de nieuwe krachtsverhoudingen in de Tweede Kamer beslissend zijn voor de het lot van het amendement en het karakter van het wetsvoorstel dat uiteindelijk wordt aangenomen.
 
Om een goede wettelijke regeling van de medezeggenschap van gepensioneerden in de pensioenfondsbesturen tot stand te brengen is het wenselijk dat het initiatiefwetsvoorstel zonder het amendement van de drie vroegere regeringsfracties CDA, PvdA en ChristenUnie, wordt aangenomen. In de Tweede Kamer heeft tot nu toe de gehele oppositie van links tot rechts de hoofdlijnen van het initiatiefvoorstel ondersteund. (De SP-fractie gaat op dit punt zelfs nog verder dan door de initiatiefnemers in het wetsvoorstel is vastgelegd.) Voor de toekenning van rechten op vertegenwoordiging in de besturen van hun pensioenfondsen aan gepensioneerden is het dus van uitermate grote betekenis dat alle oppositiepartijen tezamen na de verkiezingen van aanstaande 9 juni een ruime meerderheid in de Tweede Kamer verkrijgen. 
Definitie gepensioneerden
vrijdag 11 januari 2008

In deze website wordt in het algemeen onder "gepensioneerden" verstaan: personen met een ouderdoms-, nabestaanden of arbeidsongeschiktheidspensioen. Daarmee wordt aangesloten bij het spraakgebruik dat nog is ontstaan tijdens de werking van de oude Pensioen- en spaarfondsenwet. Dit wijkt evenwel af van de nieuwe begrippen uit de in 2007 ingegane Pensioenwet waarin onder gepensioneerden alleen nog maar personen met een ouderdomspensioen worden verstaan. Personen met een ouderdoms-, nabestaanden of arbeidsongeschiktheidspensioen worden in de huidige Pensioenwet tezamen aangeduid met het begrip "pensioengerechtigden". Het spraakgebruik heeft zich evenwel nog niet geconformeerd aan de nieuwe wettelijke definitie. Terwille van de toegankelijkheid van deze website is er daarom vooralsnog van afgezien om het woordgebruik aan deze nieuwe wettelijke definitie aan te passen.

De maat is vol!
zondag 1 oktober 2006

“Je bent soms wat ongedurig en drammerig”, zei iemand laatst tegen me. Ik vond het niet leuk om te horen.

Het gebeurde in 1968. Als kersvers Kamerlid voor D66 ontving ik een verzoek van de samenwerkende organisaties van gepensioneerden in de overheidssector (SPO) om een eigen vertegenwoordiging te verkrijgen in het toporgaan van het pensioenfonds ABP. Zij vonden dit redelijk omdat de gepensioneerden het meest betrokken zijn bij een goede functionering van het fonds. Evident, dacht ik. Een makkie! Dat heb ik geweten. Geen makkie dus. Ik gooide er twee series Kamervragen, enkele amendementen en een motie tegenaan. Zonder resultaat. In 1985 verscheen een rapport van de Nederlandse Federatie voor Bejaardenbeleid. Dit rapport bevatte een krachtig pleidooi voor de toekenning van een zelfstandig wettelijk recht voor de gepensioneerden op vertegenwoordiging in de besturen van hun pensioenfondsen. Alle ouderenorganisaties in ons land ondersteunden dit pleidooi. Kom, dacht ik, nu zal de redelijkheid hiervan wel tot de politiek zijn doorgedrongen. Kamervragen. Weer geen resultaat. Dan maar een initiatiefwet. De meerderheid van de Tweede Kamer vond invloed van gepensioneerden in pensioenfondsbesturen echter te dol; maar gepensioneerden zouden wel samen met de werknemers mee mogen doen in adviserende deelnemersraden. Mijn initiatiefwet is toen aangevuld met een onderdeel over zulke raden. Dat werd door de beide Kamers aangenomen en trad in 1990 in werking. Op zichzelf wel een stap vooruit want de deelnemersraden hebben zich in vele gevallen ontwikkeld tot goede vertegenwoordigers van de pensioenverzekerden. Het belangrijkste doel, het recht voor de gepensioneerden op medebestuur van hun fondsen, werd evenwel nog niet bereikt. De Tweede Kamer schrapte dat uit het voorstel.

Om het doel dichterbij te brengen heb ik na mijn Kamerperiode in een open projectgroep tezamen met vier collega’s uit de ouderenorganisaties gewerkt aan een voorontwerp van wet. Dit voorontwerp kwam in 2002 gereed. Het werd de basis voor een tweede initiatiefwetsvoorstel van D66, dat in hetzelfde jaar is ingediend toen de onderhandelingen tussen de Stichting van de Arbeid en de ouderenorganisaties (CSO) over een tweede medezeggenschapsconvenant stagneerden. In 2003 ontstond dat convenant toch nog onverwachts. De beide medezeggenschapsconvenanten brachten in een deel van de ondernemingspensioenfondsen het recht voor de gepensioneerden op medebestuur een stap dichterbij. Maar dat gold bijvoorbeeld niet voor bedrijfstakfondsen waarbij 80% van de gepensioneerden is aangesloten. Omdat bleek dat het tweede convenant onvoldoende werd nageleefd is de strekking hiervan opgenomen in de nieuwe Pensioenwet. Hierdoor krijgen de gepensioneerden in de bedrijfstakfondsen evenwel nog steeds geen rechten op medebestuur; daarvoor blijft het tweede initiatiefwetsvoorstel noodzakelijk. Een Kamermeerderheid is echter niet bereid dat voorstel te behandelen tijdens de looptijd van het convenant (tot eind 2007). Wachten dus tot na de afloop van het convenant. Er is één troost. Prof. Lutjens noemt het verzet van de sociale partners tegen het initiatiefwetsvoorstel een achterhoedegevecht.

Hoezo ongedurig en drammerig, na 38 jaar? Mag ik even? Evenals voor een groeiende groep gepensioneerden is voor mij de maat nu vol. Zijn wij als gepensioneerden een minder soort mensen?

Vandaar deze website, om het allemaal een beetje zichtbaar te maken.

 

Erwin Nypels 

   

© http://nypels.nl, powered by Mambo, Designed by Carel Nypels and SiteGround