Initiatiefwetsvoorstel Print E-mail
donderdag 2 februari 2012
Artikel Index
Voorgeschiedenis
Oorspronkelijke inhoud
Behandeling Tweede Kamer
Behandeling Eerste Kamer
Definitieve inhoud
Beoordeling

Behandeling Eerste Kamer

In januari 2012 vond de plenaire behandeling van het initiatiefwetvoorstel Koser Kaya / Blok door de Eerste Kamer plaats. Tijdens de behandeling verklaarde minister van Sociale Zaken Kamp dat de regering bereid is om dit voorstel, bij aanneming door de Eerste Kamer, als integraal onderdeel op te nemen in het nog in te dienen wetsvoorstel Versterking bestuur pensioenfondsen. Het doel van dit regeringsvoorstel is een integrale aanpassing van de bestuursstructuur (de governance) van pensioenfondsen op het punt van versterking deskundigheid, stroomlijning en vertegenwoordiging. Het regeringsvoorstel bevat vanzelfsprekend ook bepalingen over onderwerpen die zijn opgenomen in het initiatiefvoorstel, zoals de bestuurssamenstelling (zie ook het vorige hoofdstuk Pensioenwet, pagina Ontwikkelingen). De minister is bereid het initiatiefvoorstel als “input” voor het wetsvoorstel van de regering gebruiken. Het streven is om het voorstel Versterking bestuur pensioenfondsen in te laten gaan op 1 januari 2013. Wanneer dat wetsvoorstel niet wordt aanvaard door één van de Kamers van de Staten Generaal of wanneer het wordt vertraagd, dan zal de wet Koser Kaya / Blok per 1 januari 2013 inwerking treden.

Minister Kamp gaf verder aan dat de raadpleging onder gepensioneerden over bestuursdeelname uit het initiatiefvoorstel, in het regeringswetsvoorstel over de governance is vervangen door een automatische deelname van de gepensioneerden aan het zogeheten paritaire bestuur. “De gepensioneerden zullen immers kiezen voor deelname aan het bestuur. De rompslomp die gepaard gaat met de raadpleging wordt daarmee voorkomen.“ Aldus de minister. De initiatiefnemers hebben de raadpleging onder gepensioneerden nog in het initiatiefvoorstel opgenomen omdat dat aansloot bij de beide medezeggenschapsconvenanten. Door het vervallen van de raadpleging verkrijgen de gepensioneerden bij de nieuwe governancewetgeving, evenals de werknemers, van rechtswege een recht op vertegenwoordiging in het (paritaire) fondsbestuur. Dat is een efficiëntere methode om voor de gepensioneerden het recht op medebestuur van hun fondsen te effectueren. Het ligt daarom ook niet meer voor de hand om op basis van het initiatiefvoorstel nog een raadplegingsprocedure te starten. Verwacht mag worden dat de fondsbesturen, waar nodig, hun bevoegdheid (artikel 100, lid 1 onder a) uit het initiatiefvoorstel zullen gebruiken om op eigen initiatief te besluiten om een vertegenwoordiging van de gepensioneerden in het bestuur op te nemen.

De Eerste Kamer nam nog met ruime meerderheid (alleen de fracties van PVV en VVD stemden op procedurele gronden tegen) een motie aan ingediend door de fracties van GroenLinks, ChristenUnie, PvdA en SP. Hierin werd uitgesproken dat in de besturen van pensioenfondsen ook een vertegenwoordiging van de jongere generaties wenselijk is. Het initiatiewetsvoorstel kent reeds een wettelijke grondslag voor het streven naar meer diversiteit. Dat is inmiddels uitgewerkt in het Convenant Bevordering Diversiteit Pensioenfondsen van december 2010. De indieners van de motie waren kennelijk van mening dat dit convenant voor de jongeren een onvoldoende perspectief biedt. Het aannemen van de motie kan daarom opgevat worden als een uitnodiging aan de convenantspartijen om het convenant ten aanzien van de positie van jongeren verder aan te scherpen.

Op 31 januari 2012 is het initiatiefwetsvoorstel Koser Kaya / Blok in stemming gebracht. Het werd door de Eerste Kamer met ruim twee/derde meerderheid aanvaard. Voor stemden de fracties van VVD, CDA, PVV, D66, GroenLinks, ChristenUnie, SGP, Partij voor de Dieren, Onafhankelijke Senaatsfractie en 50Plus (tezamen 53 zetels); en tegen de fracties van PvdA en SP (tezamen 22 zetels). 

   

© http://nypels.nl, powered by Mambo, Designed by Carel Nypels and SiteGround